Ivonne Rietjens


CV

 

Moleculaire Levenswetenschappen, (met lof) 1977 – 1983

Promotie Toxicologie WUR, 1983 – 1986

Post-doc RIVM, Bilthoven, 1986 – 1987

Universitair (hoofd) docent Biochemie, 1987 – 1997

Sabbatical (3 months) National Institutes of Health (NIH) Bethesda USA, 1989

Persoonlijk hoogleraar Biochemie, 1997 – 2001

Persoonlijk hoogleraar Toxicologie, 1999 – 2001

Hoogleraar & leerstoelhouder Toxicologie, 2001 – nu

 

Moleculaire Levenswetenschappen in Wageningen

 

Op de middelbare school kon ik niet goed kiezen wat ik als vervolgopleiding wilde doen en in Wageningen was er toen een brede natuurwetenschappelijke propedeuse. Deze brede N-propedeuse was voor veel Wageningse studierichtingen hetzelfde, en dus volgde je colleges en practica met de plantenwetenschappers, de voedingstechnologen enzovoorts. Na dat jaar kon je uiteindelijk je definitieve studierichting kiezen. Deze brede propedeuse zie je nu terugkomen in het oriëntatiejaar life sciences aan deze universiteit. Vanuit dat oriëntatiejaar besloot ik om Moleculaire Levenswetenschappen te gaan studeren.

 

De hoofdvakken in mijn afstudeerfase waren biochemie en toxicologie, en daarnaast een klein afstudeervak bij Erfelijkheidsleer en een stage bij Organon (tegenwoordig MSD). Ik heb niet veel naast mijn studie gedaan, maar juist bewust hard gewerkt. Dat vond ik gewoon leuk. Tegen mijn eigen kinderen zeg ik: “Doe wat je leuk vindt.” Maar mij sprak het doorzakken in de kroeg niet aan.

 

Promoveren

 

Na mijn afstuderen stond ik voor de keus om een bedrijf mede op te richten (het tegenwoordige NOTOX) dan wel te gaan promoveren bij toxicologie. Mijn keus was uiteindelijk te gaan promoveren. Ik dacht bij mijzelf: ‘ik kan altijd nog naar het bedrijfsleven gaan’ en het promotietraject was een leuke opleiding. Bij het maken van een keus over wat je wilt doen na je studie is het belangrijk dat je de keus maakt die je zelf wilt maken, en dat het niet een keus wordt gebaseerd op wat je denkt dat de omgeving van je verwacht. Daarom raad ik ook nooit iemand aan dat hij moet gaan promoveren. Dat moet echt je eigen keus zijn en ik zeg dus hoogstens dat iemand het zou kunnen.

Ik kon meteen na het afstuderen terecht bij de leerstoelgroep voor toxicologie. Hier heb ik drie jaar lang onderzoek gedaan naar de toxische eigenschappen van ozon en stikstofdioxide en de cellulaire verdedigingsmechanismen tegen deze oxiderende luchtverontreinigende stoffen. Nadien ben ik een postdoc gaan doen bij het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne (RIVM). Al binnen een jaar werd ik gevraagd door Biochemie om terug te komen om de taken van een vertrekkend hoogleraar over te nemen en ook bij het RIVM kon ik toen een vaste aanstelling krijgen.

 

Ik koos er bewust voor om terug te gaan naar de universiteit. Ik zou niet weten of ik dat nu nog zou doen in deze tijd. De universiteit is namelijk erg veranderd in de tussentijd. Vroeger werd je bij wijze van spreken aan het eind van het jaar opgebeld door het hoofdkantoor met de vraag of “je nog een apparaat nodig had, want er was nog geld over” Dat is nu echt niet meer het geval, er is een zekere verwijdering ontstaan tussen het werkveld, de leerstoelgroepen, en het bestuurscentrum. Budgetten zijn wel erg bepalend geworden tegenwoordig, terwijl het moeilijk is investeringen in up-to-date apparatuur rond te krijgen. We moeten tegenwoordig zelfs winst maken en dat is wel wat vreemd voor een universiteit.

 

Hoogleraar

 

Ik heb eigenlijk altijd al wel hoogleraar willen worden, wat ook mijn beslissing heeft gemotiveerd om terug te gaan naar de universiteit. Ik heb meer dan tien jaar bij biochemie gewerkt en daar onderzoek in de biochemische toxicologie opgezet. In 1989 heb ik ook een ‘sabatical leave’ genomen om een paar maanden naar het “National Institutes of Health” in Bethesda, Amerika te gaan.

 

In 1997 werd ik benoemd tot persoonlijk hoogleraar bij biochemie. Later kwam er ook bij toxicologie een vacature. Doordat ik nog onderzoeken had lopen bij biochemie werkte ik een tijdje parttime bij biochemie en parttime bij toxicologie, samen weer fulltime. In wezen zijn beiden leerstoelgroepen fundamenteel bezig, maar het vak toxicologie heeft daarnaast ook een maatschappelijke dimensie gericht op het advieswerk met betrekking tot het veilig gebruik van chemicaliën als additieven, geneesmiddelen, geur- en smaakstoffen, pesticiden en chemicaliën op de werkplek. Dat heeft ook mijn interesse en maakt het werken in de toxicologie afwisselend.

 

Het hoogleraarschap is een prima baan, je bent onafhankelijk en hebt veel vrijheid. Het advieswerk en het communiceren van bevindingen naar de samenleving toe geeft het werk een extra dimensie. Je kunt stellen dat “als je in de wetenschap werkt, je ook moet kunnen verkopen”. Verder zie ik het ook als mijn taak om mijn wetenschappelijke bevindingen naar de consument toe te brengen en misvattingen aan de kaak te stellen. Consumenten denken tegenwoordig heel snel en gemakkelijk: “natuurlijk is gezond”, terwijl dat zeker niet altijd het geval is.

 

Qua verantwoordelijkheden is er wel een verschil tussen het persoonlijk hoogleraarschap en het bekleden van de leerstoel. Als leerstoelgroephouder liggen je verantwoordelijkheden bij de gehele groep, inclusief de bijzondere en persoonlijke hoogleraren, en ben je verantwoording verschuldigd naar de directeur toe, maar als persoonlijk hoogleraar had ik alleen mijn eigen groep met AIO’s en was ik verantwoordelijk voor hun onderzoek en mijn eigen onderwijs.

 

Toxicologie

 

Het grootste probleem is vaak “hoe beoordeel je de effecten van een stof bij lage realistische doseringen?” Deze vraag speelt overal, zowel in voeding als in de chemie zelf. Verder is het fundamenteel onderzoek uiteraard nog steeds belangrijk, evenals de daaraan gelieerde maatschappelijke vragen.

 

Ook krijgt toxicologie steeds meer aandacht, doordat er Europa-breed meer aandacht is ontstaan voor chemische stoffen en hun toxische effecten. Zo is recent de ECA (European Chemical Agency) opgericht in Helsinki, het Europees agentschap voor chemische stoffen die onder de nieuwe REACH regelgeving vallen en op hun veiligheid voor mens en milieu moeten worden beoordeeld.

 

Moleculaire Levenswetenschappers bij Toxicologie

 

Er komen bij toxicologie wel eens moleculaire levenswetenschappers hun afstudeervak doen, maar jammer genoeg nog niet zo vaak als wij bij toxicologie graag zouden zien. De meerwaarde van moleculaire levenswetenschappers is vooral het feit dat ze in staat zijn om moleculair te denken. Moleculaire levenswetenschappers zullen niet gauw over stoffen praten zonder de chemie of zelfs de structuur te kennen.

 

We hebben hier veel en unieke kansen voor mensen als moleculaire levenswetenschappers; zo kunnen ze bijvoorbeeld veel technieken leren die in het medisch biologische onderzoek worden gebruikt. Als AIO krijg je zelfs een postdoctorale opleiding Toxicologie, hetgeen leidt tot registratie als erkend toxicoloog.

 

Boodschap voor Moleculaire Levenswetenschappers

 

Doe vooral wat je leuk vindt, dan is de kans ook groter dat je er heel goed in zult zijn. Een belangrijke boodschap voor je carrière is verder dat je je best moet doen om goed te zijn in je vakgebied, maar dat je daarnaast niet alles zelf in de hand hebt: je blijft ook afhankelijk van omstandigheden buiten je eigen invloedsfeer om. Maar als je doet wat je leuk vindt en je doet je best om goed te zijn dan weet je dat je het maximale hebt gedaan.


Terug naar Afgestudeerden vertellen.
Kijk ook eens bij Studenten vertellen voor verhalen van huidige studenten over hun studie.

  
Print deze pagina